Lading vastzetten kan op drie manieren: blokkeren, neersjorren en direct sjorren. Welke manier je kiest, hangt af van je lading, je voertuig en de bevestigingspunten die je hebt. De wet schrijft geen vast aantal spanbanden voor, maar wel een resultaat: je lading mag bij vol remmen, uitwijken en slecht wegdek niet gaan schuiven of vallen. Hieronder lees je per methode hoe het werkt, wat de wet precies eist en hoe je bepaalt wat je nodig hebt.
Wat eist de wet als je lading vastzet?
De kern staat in artikel 5.18.6 van de Regeling voertuigen. Je lading moet zo zijn geplaatst en gezekerd dat die bij normale verkeerssituaties niet van het voertuig kan vallen en de stabiliteit van het voertuig niet in gevaar brengt. Onder normale verkeerssituaties vallen vol remmen, plotseling uitwijken en rijden over slecht wegdek.
Dat is een prestatie-eis en geen voorschrift over middelen. De wet zegt niet met hoeveel banden je moet werken, maar wel welke krachten je zekering moet opvangen. Je lading mag in geen enkele richting kunnen verschuiven: niet naar voren, niet naar achteren en niet zijwaarts.


De Regeling voertuigen gaat uit van minimaal 0,8 maal het ladinggewicht naar voren en 0,5 zijwaarts en naar achteren. Bij lading die kan kantelen geldt zijwaarts 0,6. Voor 1.000 kg lading komt die 0,8 neer op ongeveer 785 daN aan kracht die je moet opvangen. Reken dat niet direct om naar een aantal spanbanden: wrijving, blokkering, sjorhoek en de voorspanning in je band vangen daar al een deel van op.
Voor onvoldoende gezekerde lading bestaat geen vast boetetarief. Het Openbaar Ministerie laat de afdoening bij deze overtreding aan de officier van justitie, die naar de omstandigheden kijkt. Voor verwante overtredingen, zoals lading die van het voertuig kan vallen, gelden wel vaste bedragen. Wie waarvoor verantwoordelijk is en welke Europese regels meespelen, lees je in onze blog over lading zekeren en wetgeving.
Welke manieren zijn er om lading vast te zetten?
Er zijn drie zekeringsmethoden: blokkeren, neersjorren en direct sjorren. In de praktijk combineer je ze vaak. Een pallet tegen het kopschot die daarna wordt neergesjord, is met twee methoden tegelijk gezekerd.


Blokkeren of vormsluiting
Bij blokkeren kan de lading niet verschuiven omdat die tegen een fysiek element aan staat. Denk aan het kopschot, een zijwand, een ladingstang of een stuwzak die de vrije ruimte opvult. De kracht gaat rechtstreeks over op die constructie.
Reken een kopwand of zijwand alleen mee als je weet wat die aankan. De sterkte van voertuigopbouwen is vastgelegd in de norm EN 12642, maar niet iedere bakwagen of aanhanger is daarop getest. Bindrails en ladingstangen zijn wel bedoeld om kracht op te nemen, mits de rail stevig in het voertuig zit. Welke stang bij welke rail hoort, lees je in onze blog over welke ladingstang op welke rail past.
Neersjorren
Bij neersjorren leg je de band over de lading en zet je die aan beide zijden vast. De voorspanning drukt de lading tegen de laadvloer, waardoor de wrijving toeneemt en de lading blijft liggen. Dit is de meest gebruikte methode en meestal de snelste.
Hier is de STF op het bandlabel de bepalende waarde, niet de LC. Wrijving telt zwaar mee: een schone, droge laadvloer of een laag antislipmateriaal scheelt echt. Ook de hoek doet mee. Een band die te vlak over de lading loopt, levert nauwelijks neerwaartse druk op. In onze blog over hoe een spanband werkt lees je hoe je de ratel goed bedient.


Direct sjorren
Bij direct sjorren verbind je de lading rechtstreeks met het voertuig, meestal diagonaal of in een lus. De band neemt de verplaatsingskracht op als trekkracht. Je hebt hiervoor geschikte sjorpunten op de lading zelf nodig, bijvoorbeeld de sjorogen van een machine.
Hier is de LC bepalend. Direct sjorren is de logische keuze bij zware, compacte lading zoals machines en voertuigen, waar neersjorren te weinig wrijving oplevert. Voor het zwaarste werk gebruik je sjorkettingen in plaats van banden.
Direct sjorren en vormsluiting worden vaak door elkaar gehaald, maar het zijn twee verschillende dingen. Bij vormsluiting neemt een fysieke begrenzing de kracht op. Bij direct sjorren doet het sjormiddel dat.
Hoeveel spanbanden heb je nodig?
Er bestaat geen vast aantal. De vuistregel dat je altijd minimaal twee spanbanden gebruikt, staat niet in de Nederlandse wet en klopt in de praktijk ook niet. Soms is een band met goede blokkering genoeg, soms heb je er vier of meer nodig.
Wat het aantal bepaalt:
- de massa en het zwaartepunt van de lading
- de methode, want neersjorren vraagt doorgaans meer banden dan direct sjorren
- de wrijving tussen lading en laadvloer
- de STF van je band bij neersjorren, of de LC bij direct sjorren
- de sjorhoek
- of de lading al deels is geblokkeerd
De professionele rekenmethode staat in EN 12195-1, maar die norm geldt alleen voor voertuigen boven 3.500 kg. Rijd je met een bestelbus, aanhanger of personenauto, dan valt jouw situatie daarbuiten en kunnen de optredende versnellingen zelfs hoger liggen. Een online rekenmachine geeft daar dus schijnzekerheid.
LC of STF: welke waarde heb je nodig?
Op het label van elke spanband staan LC, STF en SHF. Welke waarde telt, hangt af van de methode die je gebruikt.
| Waarde | Wat het betekent | Wanneer bepalend |
|---|---|---|
| LC (Lashing Capacity) | De kracht die de band bij rechte trek veilig opneemt, in daN. | Direct sjorren |
| STF (Standard Tension Force) | De voorspanning die in de band ontstaat bij het aanspannen met de hand, in daN. | Neersjorren |
| SHF (Standard Hand Force) | De gestandaardiseerde handkracht op de ratel, 50 daN. | Bediening, geen zekeringswaarde |
Een hogere LC maakt een band dus niet automatisch beter. Ga je neersjorren, dan levert een band met een hogere STF meer klemkracht op, ook als de LC lager is. En LC is geen maximaal ladinggewicht: een LC van 2.500 daN betekent niet dat je met een band 2.500 kg mag vervoeren. Alle waarden op het label staan uitgelegd in onze blog over het spanband label.
Hoe zet je lading vast per voertuig?
Lading vastzetten in een bestelbus
De laadruimte van een bestelbus is gesloten, maar dat is geen zekering. Bij vol remmen kan lading door een scheidingswand heen komen. Werk hier zoveel mogelijk met blokkeren: plaats zware spullen laag en tegen de voorwand, gebruik ladingstangen of een sjorrail langs de zijkant en zet kunststof bakken en dozen vast met sjorbanden. Een bak bundelt losse spullen, maar de bak zelf moet je daarna nog zekeren.
Voor bestelwagens tot 7,5 ton beschrijft ISO 27956 de eisen aan sjorpunten. Zit er nog geen rail in je bus, dan is een vliegtuigrail of bindrail langs de wand meestal de snelste verbetering.
Lading vastzetten op een aanhanger
Op een open aanhanger zijn kantelen en wegwaaien de grootste risico's. Plaats de lading zo dat het zwaartepunt laag ligt en iets voor de as. Rolgevoelige lading zoals buizen of rollen zet je eerst fysiek vast met keggen of een blokkeermiddel, want alleen neersjorren houdt een rol niet tegen.
Losse lading die kan wegwaaien dek je af met een aanhangwagennet. Een net is een afdekking en geen sjormiddel. Het houdt licht materiaal binnenboord, maar het zekert geen pallet stenen.
Lading vastzetten in een vrachtwagen
In een vrachtwagen combineer je vrijwel altijd blokkeren en sjorren. Laad tegen het kopschot en houd de vrije ruimte tussen de pallets zo klein mogelijk. Vul die ruimte op met een stuwzak of ladingstang in plaats van er extra banden overheen te leggen.
Boven 3.500 kg kun je de zekering doorrekenen volgens EN 12195-1. Reken de sterkte van zij- en kopwanden alleen mee als die aantoonbaar is, bijvoorbeeld via een EN 12642-verklaring van de opbouwer. Vervoer je auto's, gebruik dan spanbanden voor autotransport met de daarvoor bedoelde wielzekering.
Hoe zet je pallets en losse dozen vast?
Palletfolie, tape en omsnoeringsband maken van losse dozen een laadeenheid. Dat is bundelen en dat is nog geen ladingzekering: de pallet zelf moet daarna nog aan het voertuig worden vastgezet.
Een werkwijze die in de praktijk goed uitpakt: bundel de dozen met palletfolie, tape of omsnoeringsband, zet de pallets strak tegen elkaar en tegen het kopschot, vul de overgebleven ruimte met een stuwzak, leg antislipmateriaal onder de pallets en sjor daarna neer. Loopt de band over een scherpe palletrand, gebruik dan hoekprofielen. Zonder bescherming slijt de band precies daar waar de spanning het hoogst is. Lees ook hoe hoekbeschermers schade helpen voorkomen aan zowel de band als je goederen.
Welk hulpmiddel past bij welk probleem?
Kies je hulpmiddel op basis van het risico dat je wilt afdekken, niet andersom.
- De lading schuift over de vloer: antislipmateriaal, daarna neersjorren met spanbanden
- Er zit vrije ruimte tussen de lading: stuwzakken of ladingstangen
- Er zijn geen bevestigingspunten in het voertuig: bindrails of vliegtuigrails
- De band loopt over een scherpe rand: hoekprofielen of pallethoeken
- Zware machines of voertuigen: sjorkettingen of spanbanden voor autotransport
- Lichte spullen en bagage: sjorbanden met klemgesp
- Losse lading die kan wegwaaien: een aanhangwagennet als afdekking
De spanbanden en sjorbanden van BCF-Products voldoen aan de Europese norm EN 12195-2. Op het label lees je per band de LC en de STF. Gebruik een spanband nooit om te hijsen. Daarvoor zijn hijsbanden en rondstroppen bedoeld.
Wat controleer je voordat je wegrijdt?
- Zit de lading strak en kan die in geen enkele richting bewegen?
- Zijn band, stiksel, ratel en haken onbeschadigd en is het label leesbaar?
- Ligt de band recht en niet gedraaid over de lading?
- Zijn de sjorpunten geschikt en niet overbelast?
- Is de laadvloer schoon en droog?
- Blijf je binnen het maximale gewicht en de aslasten van je voertuig?
Steekt je lading uit, dan gelden er aparte regels. Of markering verplicht is, hangt af van de richting, het voertuigtype, hoeveel de lading uitsteekt en of die deelbaar is. Een markeringsbord is dus niet automatisch verplicht zodra er iets buiten het voertuig komt. Controleer eerst of de uitsteek is toegestaan en daarna pas of markering of verlichting nodig is. Lees hierover meer in onze blog hoe ver mag lading uitsteken.
Advies nodig over jouw ladingzekering?
Weet je niet zeker welke methode of welke band bij jouw lading past? Stuur een foto van je voertuig en je lading naar info@bcf-products.nl, bel 040 843 67 61 of neem contact met ons op. Onze specialisten denken met je mee over de combinatie van methode, sjormiddel en bevestigingspunten. Bekijk ook ons complete assortiment ladingzekering.
